Winkelwagen is nog leeg.
Winkelwagen is nog leeg.Productbeschrijving
Slangen en mantels: een kleine introductie in de wereld van de wielen
"Nen platen hebben...", "platvoet", of gewoon bandenpech - dat zijn de woorden die fietsers en e-bikers het minst graag in de mond nemen. In principe zijn lekbestendige slangen en jassen belangrijk voor je fiets of e-bike, zodat het fietsplezier niet abrupt eindigt. Als je dan toch eens onderweg de lucht uitgaat, dan is het goed om te weten welke slang je als vervanging kunt kopen, welke mantel op welke velg past en welk ventiel voor jou geschikt is. Met de hoogwaardige pechstop-producten uit het assortiment van PROPHETE rust je fiets of e-bike betrouwbaar uit en hoef je in dagelijkse situaties geen platte banden te vrezen.
| Categorie: | slangen |
| Naam | Fietsbinnenband 20 x 1,75 - 20 x 2,125, autoventiel |
| Type ventiel | autoventiel |
| Ventieldiameter | 8,5 mm |
| Ventielhoogte | (zie verpakking) |
| Geschikt voor: | (ETRTO informatie zie verpakking) |
| Bandenmaat: | 50,8 |
Wat betekent ETRTO?
De afkorting staat voor de European Tyre and Rim Technical Organisation, die een standaard voor het bepalen van wielmaten heeft vastgesteld. In heel Europa is deze norm voor band- en velgmaten gebruikelijk en als je weet waarvoor de afzonderlijke gegevens staan, is de informatie ook gemakkelijk te lezen. Als je nieuwe slangen, jassen of velgen koopt, zullen deze gestandaardiseerde informatie je helpen om de juiste reserveonderdelen te vinden en je fiets of e-bike weer verkeersveilig uit te rusten.
Hoe lees ik de ETRTO-informatie?
Bijna iedereen heeft al de ETRTO-maat op een auto- of fietsband gezien. De aanduiding bestaat uit twee cijfers en ziet er meestal zo uit: AA-BBB. De cijfers staan daarbij voor de bandbreedte (AA) en de binnendiameter van de band (BBB). Beide worden gemeten in millimeters en zo heeft een band met de vermelding "50-622" een diameter van 622 mm en een bandbreedte van 50 mm (gemeten op het breedste punt).
- Een slang past op verschillende banden
- De ETRTO informatie vind je op de verpakking
- Gebruik uitsluitend passende slangen voor je banden

Het Franse ventiel (Sclaverandventiel)
Vooral op het gebied van MTB en racefiets wordt het Franse ventiel bijzonder graag gebruikt. Het is met zijn 6,5 mm de smalste vertegenwoordiger van de gangbare fietsventielen en is ontworpen voor bijzonder hoge luchtdruk. Om een slang met Frans ventiel te installeren, schroef je eerst de ventieldop en de moer op de ventielbuis los en steek je de slang door de daarvoor voorziene boring op de velg en fixeer je het ventiel vervolgens met de losgeschroefde moer. Voor het oppompen van de band wordt de ventieldop verwijderd en de ventielkop tegen de klok in losgemaakt. Dan kan de juiste pomp worden geplaatst en lucht op de banden worden gepompt. Wanneer de gewenste luchtdruk is bereikt, wordt het ventiel weer dichtgedraaid en de dop als bescherming vastgeschroefd.

Het autoventiel (Schraderventiel)
Ben je veel onderweg in het dagelijks leven en heb je geen ruimte om voortdurend een luchtpomp mee te slepen? Dan biedt het autoventiel je direct het grootst mogelijke voordeel. Je houdt met je fiets of e-bike eenvoudig bij het dichtstbijzijnde tankstation en past de bandenspanning aan met de compressor die je daar normaal gesproken vindt. Bij het vervangen van de slang draai je eerst de eventueel bestaande ventieldop en de borgmoer en steek het autoventiel bij je fiets door de bijbehorende boring van 8,5 mm in de velg. Bevestig vervolgens de slang met de moer en kun je lucht oppompen. Om de bandenspanning te verminderen kan met een dun voorwerp (bijv. een kleine schroevendraaier) op de pin in het midden van het ventielbuisje worden gedrukt, tot de druk past.

Het fietsventiel (Dunlopventiel of flitsventiel)
Op stadsfietsen en trekkingfietsen (al dan niet met elektrische aandrijving) vind je tegenwoordig graag Dunlopventielen, die ook fietsventielen worden genoemd. Deze zijn (zoals autoventielen) geschikt voor een velggat van 8,5 mm en zijn intuïtief in het gebruik. Voor het vervangen van de slang moet het ventiel eerst van de slang worden losgeschroefd. Daarvoor worden de wartelmoer en de ventielkern verwijderd. Het ventielbuisje wordt vervolgens door de velggat gestoken en de ventielkern weer met de moer vastgezet. Voor het oppompen moet de ventieldop worden losgeschroefd. Dan wordt de pomp geplaatst en kan het pompen beginnen. Probleem wordt alleen als het gaat om het verminderen van de druk. Hiervoor moet namelijk de ventielkern losgedraaid worden, waarbij in de regel alle slanginhoud ontsnapt en opnieuw moet worden gevuld.